Wat is de week
van de psychiatrie?

Werkgroep van
de WvdP
Verslag Breingeindag 2012
 
      

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Wat is de Week van de Psychiatrie?
De Week van de Psychiatrie is opgedragen aan alle mensen (met of zonder psychiatrische achtergrond) die zich hebben ingezet voor verbetering van positie en het leven van mensen met psychische en psychiatrische problematiek. De GGz (geestelijke gezondheidszorg) is veel humaner geworden, hoewel er nog heel veel werk te doen is op het gebied van beeldvorming, doorbreken van isolement, verbeteren van woonomstandigheden, verbeteren van relatie van psychiatrie en de samenleving, verbeteren van financiŽle positie, verbetering van informatievoorzieningen en keuzemogelijkheden. De Week van de Psychiatrie is nog niet 'af' en de komende decennia gaan we hiermee door. Wij dragen de Week van de Psychiatrie ook op aan Paul Fijn, die een groot deel van zijn leven actief is geweest bij de Clientenbond en in het bijzonder voor deze Week. Hij was de voortrekker van de landelijke werkgroep.
 

De geschiedenis van de Week van de Psychiatrie

De Week van de Psychiatrie
vindt zijn oorsprong in het antiautoritaire denken van de jaren zestig. Aan de golf van kritiek op bestaande maatschappelijke structuren ontkwam ook de psychiatrie niet. Tegenover de bestaande zorg ontwikkelde zich een kritische beweging, waarvan Jan Foudraine en Carel Muller belangrijke exponenten waren. Foudraine publiceerde in 1971 de bestseller 'Wie is van hout', waarin zowel de wijze waarop in Nederland met psychiatrische patiŽnten werd omgegaan als de opleiding tot psychiater, wordt bekritiseerd. Volgens Foudraine zouden psychiatrische cliŽnten veel meer gelijkwaardig moeten worden benaderd door psychiaters en verpleegkundigen. Carel Muller was in diezelfde tijd directeur van Dennendal op het terrein van de Willem Arntsz Hoeve in Den Dolder. Ook hem stond een veel humanere benadering van de zorg voor ogen in een gemeenschap, waar pupillen en verpleegkundigen ongedwongen met elkaar samenleefden.

Gekkenbeweging
Ook cliŽnten in de psychiatrie en hun familieleden lieten van zich horen, zij begonnen hun kritiek op de hulpverlening te uiten en organiseerden zich in de Gekkenbeweging (de voorloper van de CliŽntenbond) en hun huisorgaan, de Gekkenkrant. Het woord cliŽnt kwam naar voren als alternatief voor het woord patiŽnt, dat teveel de afhankelijkheidspositie van hulpvragers binnen de geestelijke gezondheidszorg typeerde. Ook meer persoonlijke ervaringsverhalen kwamen naar boven, met als bekendste voorbeelden 'Laten ze het maar voelen' van Corrie van Eijk-Oosterholt en 'In het land der blinden' van Evelien Paull. Het boek van Corrie van Eijk was maandenlang een bestseller en vormde de eerste openbare aanklacht tegen het onnodig lijden dat mensen - in dit geval Corrie's zuster - in psychiatrische klinieken werd aangedaan. 

In dit klimaat werd vanaf 1975 eerst de dag en later de Week van de Psychiatrie georganiseerd; een week met theater, discussiemiddagen, acties en het Breingeinfestival rond actuele thema's in de cliŽntenbeweging. Het is dus allemaal begonen met de dag van de psychiatrie in Wolfheze, opgezet door een aantal kritische hulpverleners. Als je nu op dat grote terrein van Wolfheze komt dan herinnert een beeldje nog aan deze mijlpaal. Het beeldje is een vrouwenfiguur met gaten erin. Een verscheurde persoonlijkheid.

De cliŽntenbeweging in de geestelijke gezondheidszorg ontstaat in een periode waarin grote maatschappelijke betrokkenheid en kritiek op de gevestigde orde de overhand heeft. Een vrij algemene opvatting in de jaren '70 is dat menselijke solidariteit en maatschappelijke democratisering de toekomst hebben: mensen moeten meer voor elkaar opkomen en mensen zouden meer greep moeten hebben op hun werksituatie, hun woonomgeving, hun opleidingssituatie, kortom op allerlei aspecten van het menselijke bestaan. Veel mensen voelen zich verbonden met de onafhankelijkheidsstrijd van de verschillende bevrijdingsbewegingen in Afrika, AziŽ en Zuid-Amerika. Anderen zetten zich in voor zaken als een beter milieu of betere arbeidsomstandigheden. Ook in de psychiatrie beginnen mensen zich te roeren. Kritische verpleegkundigen, behandelaars, alternatieve hulpverleners, maar ook patiŽnten en familieleden komen in actie om de rechteloosheid van de psychiatrische cliŽnt, de onmenselijke behandelingstoestanden en andere misstanden in de psychiatrie publiekelijk bekend te maken en ter discussie te stellen. Zij allen pleiten voor een betere rechtspositie van cliŽnten en ontwikkelen bovendien eigen ideeŽn over de manier waarop de geestelijke gezondheidszorg hulp zou moeten verlenen en georganiseerd zou moeten zijn.

Verschillende initiatieven
Het ontstaan van de patiŽntenbeweging in de geestelijke gezondheidszorg is niet terug te voeren op ťťn groepering of op ťťn actie, integendeel. De wortels liggen in allerlei (soms kleinschalige) initiatieven uit het begin van de jaren '70. Hieronder worden de belangrijkste ontwikkelingen weergegeven. In 1970 neemt de stichting Pandora, in 1964 opgericht om de maatschappelijke beeldvorming rond psychische problematiek te verbeteren, het initiatief om door middel van een advertentie ex-patiŽnten te werven. Deze zouden dan, als vrijwilligers, voorlichting kunnen geven op basis van hun eigen ervaringen in de psychiatrie. Met dit initiatief begint een periode waarin de beeldvorming over psychiatrische problematiek niet langer alleen het werk van behandelaars, verpleegkundigen en voorlichters is, maar nu door psychiatrische patiŽnten zelf ter hand wordt genomen. Leerling B-verpleegkundigen organiseren zich om met name binnen het eigen psychiatrisch ziekenhuis acties te voeren, activiteiten op te zetten, pamfletten te verspreiden (Wolfheze, St. Anna, Willem Arntsz Hoeve, Rosenburg). Hun belangrijkste grieven zijn het gebrek aan democratische besluitvorming binnen het ziekenhuis en de slechte positie als leerling-verpleegkundige. Maar al spoedig betrekken zij ook het behandelmilieu en de kwaliteit van de behandeling in hun kritiek.

Medisch model
Ook studenten, werkers en psychiaters geven ieder hun eigen kritiek op de psychiatrie, op de opleidingen, op de autoritaire verhoudingen binnen de instellingen, op de behandeling van patiŽnten, op de tekortkomingen gen van het "medisch model" waarin de arts de deskundige is en de patiŽnt wordt gereduceerd tot (psychiatrisch) ziektebeeld. Zij ontwikkelen alternatieve ideeŽn over een meer sociaal gerichte en democratische hulpverlening en proberen deze ideeŽn gestalte te geven in experimenten in het MOB-Leiden, Dennendal en de Pompekliniek. Het boek `Wie is van Hout' van de psychiater Foudraine krijgt in Nederland grote publieke belangstelling. 

JAC en Release
Als reactie op en protest tegen de bestaande hulpverleningsinstellingen worden in verschillende steden een zogenaamd JAC (jongerenadviescentrum), soms RELEASE genoemd, opgericht. Deze alternatieve hulpverlening gaat er vanuit dat individuele problemen niet los gezien kunnen worden van de maatschappelijke context waarbinnen deze ontstaan en dat hulpverlening en belangenbehartiging met elkaar verbonden zijn. Dit alles in tegenstelling tot de bestaande instellingen waar alleen gekeken wordt naar ieders individuele problemen en de samenleving als het ware buiten de deur blijft. 

Patientenraad
Alhoewel in een aantal algemeen psychiatrische ziekenhuizen "zaalraden" functioneren, wordt in 1970 in het psychiatrisch ziekenhuis Coudewater de eerste officiŽle patiŽntenraad opgericht. Het creŽren van mogelijkheden tot inspraak binnen de psychiatrische ziekenhuizen is een eerste belangrijke stap voor de erkenning van de mondigheid van patiŽnten. In andere psychiatrische ziekenhuizen wordt dit initiatief overgenomen. Er worden patiŽntenradendagen georganiseerd om landelijk en onafhankelijk van de instelling elkaar te ondersteunen, informatie uit te wisselen, gezamenlijke standpunten te bepalen en contacten te leggen. Op 11 september 1971 wordt de CliŽntenbond in de geestelijke gezondheidszorg opgericht, in eerste instantie als een organisatie die de tekortkomingen in de ambulante geestelijke gezondheidszorg wil opheffen. Door deelname aan een uitzending over psychiatrie van het T.V.-programma "Een groot uur U" van Koos Postema, krijgt de CliŽntenbond veel brieven van patiŽnten/bewoners uit psychiatrische ziekenhuizen. Mede onder invloed hiervan gaat men zich richten op belangenbehartiging en op structurele verandering van de geestelijke gezondheidszorg. Leden van de CliŽntenbond worden actief in allerlei afdelingen, in werkgroepen en in allerlei landelijke en regionale actiegroepen.

Gekkenkrant
In 1973 verschijnt de eerste Gekkenkrant, een tijdschrift voor psychiatrische patiŽnten. Behalve veel brieven van patiŽnten bevat de krant ook informatie over therapieŽn, over ontwikkelingen in de inrichtingen en over de rechten van de patiŽnt. De naam Gekkenkrant levert veel kritiek op, met name van patiŽnten. De redactie geeft in het vierde nummer (juni 1974) de volgende toelichting: "Deze krant heet Gekkenkrant omdat hij is voor mensen die gek genoemd worden. Wij zijn dus gek en we komen er rond voor uit. We kunnen elkaar alleen helpen als we inzien dat we allemaal op dezelfde manier worden uitgescholden en gediscrimineerd. Dat is juist onze kracht. Samen gediscrimineerd, dus samen er wat aan doen; dat is de enige manier." In januari 1981 verschijnt de Gekkenkrant voor het laatst, maar in datzelfde jaar verschijnt reeds zijn opvolger `Gek'ooit', een blad vůůr en důůr cliŽnten en kritische werkers.

Acties en bundeling van activiteiten
De publieke opinie en de politiek zijn dus de belangrijkste terreinen waarop de patiŽntenbeweging zich manifesteert. De beweging ontwikkelt eigen actievormen om haar kritiek kracht bij te zetten. Door de verschillende groeperingen worden congressen en eigen hoorzittingen georganiseerd, nota's geschreven, demonstraties gehouden, zwartboeken gepubliceerd, handtekeningen verzameld, eigen onderzoeken verricht, politieke partijen bewerkt enzovoort. Daarnaast wordt deze periode gekenmerkt door een landelijke bundeling van activiteiten. Bekende voorbeelden van de bundeling van krachten zijn de Landelijke Werkgroep Krankzinningenwet, de Werkgroep `Dag van de Psychiatrie' en de stichting Landelijke PatiŽnten- en Bewonersraden.

In 1974 wordt de Landelijke Werkgroep Krankzinnigenwet (LWKZ) gevormd. Deze werkgroep heeft veel kritiek op het reeds in 1971 ingediende Wetsontwerp Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ) en wil het wetsontwerp (laten) wijzigen om de rechtspositie van mensen die in een psychiatrische instelling verblijven te verbeteren. Wanneer een officiŽle hoorzitting over het wetsontwerp BOPZ steeds opnieuw wordt uitgesteld, organiseert de LWKZ in 1976 zelf een alternatieve hoorzitting onder het motto `Te gek om vast te zitten'. Voorafgaand aan de hoorzitting houden patiŽnten, ex-patiŽnten en sympathisanten een `stille tocht' door Den Haag; de eerste openlijke demonstratie van de psychiatrische patiŽntenbeweging.

De dag en de week
Het meer gezamenlijk en landelijk gaan opereren van actiegroepen komt het meest duidelijk tot uiting in het instellen van de Werkgroep `Dag van de Psychiatrie'. Wat in 1974 begint met de Dag van de Psychiatrie, groeit al snel uit tot de Week van de Psychiatrie . In de W eek van de Psychiatrie wordt steeds een ander thema centraal gesteld, waaromheen landelijk door allerlei groeperingen activiteiten worden georganiseerd. Door dit telkens opnieuw kiezen van een thema weerspiegelt elke Week de organisatoren, de acties die er zijn, de sfeer die er in die periode in de patiŽntenbeweging heerst. In de loop van de jaren zijn er heel wat leuzen, thema's en motto's gehanteerd, waaronder: `Baas in eigen Brein' (1979) waarbij een valiumvrije vrijdag wordt uitgeroepen; `Vecht voor je Gekkenrecht' (1984) waarbij de Gek'expres een aantal instellingen bezoekt; `Ben ik zelf verantwoordelijk in de psychiatrie?' (1986) waarbij bijna alle patiŽnten-/bewonersraden in de psychiatrische ziekenhuizen in hun eigen ziekenhuis een Open Dag organiseren.